Verlofspaarregeling
Sinds 1 januari 2023 kun je als medewerker bij een woningcorporatie bovenwettelijke verlofuren en extra aangekochte uren via het Individueel Keuze Budget opsparen. Dat kan tot maximaal 100 keer de wekelijkse arbeidsduur. Die gespaarde uren komen in een aparte Spaarpot. De uren kunnen gebruikt worden voor een sabbatical, voor scholing en ontwikkeling, voor mantelzorg, langdurig zorgverlof of om eerder te stoppen met werken. Deze gespaarde uren verjaren niet, ze blijven staan.
In principe neem je de gespaarde uren gewoon op. Bij het einde van het dienstverband kunnen ze tegen 50% van de waarde uitbetaald worden. Alle afspraken hierover staan in de Regeling Levensfase Verlofsparen in bijlage 10 van de CAO Woondiensten 2025-2027. In deze regeling zijn de regels over verlofsparen verder uitgewerkt. De regeling is door de Belastingdienst getoetst en goedgekeurd. Onderaan dit artikel vind je de veel gestelde vragen en antwoorden over de verlofspaarregeling.
Doorwerken na de AOW-leeftijd
In de CAO Woondiensten 2025-2027 zijn er afspraken gemaakt voor mensen die na 1 april 2025 hun AOW-leeftijd bereiken en toch willen blijven werken bij de corporatie. In de CAO is hiervoor een standaard arbeidsovereenkomst opgenomen (bijlage 6 van de CAO Woondiensten 2025-2027).
Wat belangrijk is: als de medewerker het pensioen uitstelt en doorwerkt, moet vanaf 1 januari 2026 verplicht een nabestaandenverzekering worden afgesloten bij pensioenfonds SPW. Dit geldt voor de tijd dat de medewerker blijft werken na de AOW-leeftijd, tot het moment dat de medewerker met pensioen gaat. De kosten voor deze verzekering betaalt de medewerker zelf en worden in mindering gebracht op het persoonlijk opgebouwde pensioenvermogen. SPW zal nog met nadere informatie komen hoe de corporaties dit precies kunnen regelen.