RVO treedt op als marktmeester en probeert partijen met bestaande flexwoningen in contact te brengen met geïnteresseerde afnemers. Is er geen afnemer, dan kunnen de flexwoningen mogelijk geplaatst worden op speciale locaties. VRO heeft met een aantal gemeenten afspraken gemaakt om kavels te reserveren voor flexwoningen. Dit zijn de zogenoemde achtervangkavels. Met de regeling Fysieke achtervang verplaatsbare woningen (FAVW) kunnen corporaties daar flexwoningen plaatsen tot er ruimte is voor een nieuw flexproject.
Wat is Fysieke achtervang verplaatsbare woningen?
De FAVW biedt een achtervang voor flexwoningen: een plek waar de woningen kunnen staan als ze ergens weg moeten, of als ze niet geplaatst kunnen worden. De gereserveerde kavels liggen dichtbij bestaande voorzieningen en infrastructuur, en binnen een permanente woonwijk. De achtervangkavels hebben al een woonbestemming. De lokale gemeente maakt deze klaar voor de bouw en woonrijp. De grond wordt gratis ter beschikking gesteld.
Let op! De fysieke achtervang verkleint het risico dat je de flexwoningen niet kunt (her)plaatsen. De regeling geeft géén garantie op een achtervanglocatie.
Hoe werkt de achtervang?
Een aantal gemeenten in Nederland reserveert in hun toekomstige woningbouwplannen ruimte voor flexwoningen van goede kwaliteit: de achtervangkavels. Kan het flexwoonproject van jouw corporatie niet op de geplande locatie staan, omdat de vergunning (nog) niet definitief is? Of is er na de eerste tijdelijke vergunning geen vervolglocatie beschikbaar? Dan kunnen de woningen mogelijk terecht op deze achtervangkavels. Hier worden ze verhuurd als sociale huurwoning.
Om vraag en aanbod bij elkaar te brengen, heeft VRO marktmeesters aangesteld, die helpen bij de aanvraag voor herplaatsing. De marktmeester vraagt alle initiatiefnemers op de flexmarkt hun project of potentieel aanbod of hun zoekvraag aan te melden. De marktmeester kan vervolgens partijen die bestaande verplaatsbare woningen willen verkopen, in contact brengen met geïnteresseerde afnemers.
Lukt het niet om via de marktmeester een nieuwe locatie of een afnemer voor de flexwoningen te vinden? En zijn er nog garantiekavels beschikbaar? Dan bepaalt de marktmeester welke achtervanglocatie het meest geschikt is voor de woningen. Na 10 tot 12 maanden kan de corporatie de woningen naar deze achtervanglocatie verplaatsen.
De woningcorporatie die de flexwoningen plaatst op de achtervanglocatie, blijft eigenaar van de woningen. In het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting is geregeld dat woningcorporaties woningen kunnen verhuren buiten de eigen woningmarktregio.
Meestal beheert en onderhoudt de lokale woningcorporatie de flexwoningen tegen een marktconforme vergoeding.
De achtervangkavels zijn tot maximaal 2060 beschikbaar. Daarna moeten de woningen in principe weer weg, behalve als de betreffende gemeente andere afspraken maakt met de woningcorporatie.
De volgende gemeenten bieden achtervangkavels:
- Apeldoorn
- Goes
- Enschede
- Doetinchem
- Dronten
- Hollands Kroon
- Westelijke Mijnstreek
Meer informatie over de FAVW
Meer informatie over de werking van de regeling FAVW en de voorwaarden voor plaatsing van flexwoningen op achtervangkavels vind je op de website van RVO. Daar kun je ook een modelovereenkomst downloaden voor het gebruik van achtervangkavels. Aedes heeft meegewerkt aan de ontwikkeling van deze overeenkomst.